Nieuw onderzoek: de lange nasleep van klauwaandoeningen
Klauwaandoeningen hebben niet alleen gevolgen voor het welzijn van de koe, maar ook voor haar melkproductie. Hoe groot dat effect is, hangt af van het type aandoening én van het moment in het ziekte- en herstelproces.
Nieuw onderzoek¹ laat zien dat het productieverlies rond de behandeling aanzienlijk kan zijn en dat de gevolgen bij sommige klauwaandoeningen nog maanden daarna merkbaar blijven.
Voor het onderzoek werden bijna 6.000 melkproductierecords van 818 melkkoeien op een Tsjechisch melkveebedrijf geanalyseerd. De onderzoekers vergeleken de energiegecorrigeerde melkproductie (ECM) vóór, tijdens en tot 120 dagen na behandeling van verschillende klauwaandoeningen. ECM houdt rekening met verschillen in vet- en eiwitgehalte en geeft daardoor een nauwkeuriger beeld van het daadwerkelijke productieverlies. Zo betekent 2 kg minder ECM niet alleen minder liters melk, maar ook een lagere productie van vet en eiwit.
De grootste terugval in melkproductie werd gevonden bij tussenklauwontsteking. Tijdens de behandelfase produceerden deze koeien gemiddeld 4,8 kg ECM per dag minder dan gezonde koeien. Ook zoolzweren, teenzweren, wittelijnaandoeningen, digitale dermatitis en combinaties van meerdere klauwaandoeningen gingen gepaard met een lagere melkproductie.
¹ Bron: Havlíček et al. (2026). Impact of claw lesions on dairy cow energy-corrected milk yield: Differential and persistent effects up to 120 days post-treatment. Veterinary and Animal Science.
Homepage KlauwTotaal