Fosfaatreductieplan: vragen en antwoorden

Vragen

Geven onderstaande antwoorden en de Q&A-lijst geen antwoord op uw vraag, dan kunt u contact opnemen met het Fosfaatreductieloket.

Schriftelijk

U kunt uw vraag schriftelijk indienen via het Fosfaatreductieloket contactformulier. Het streven is om uw vraag op dezelfde dag te beantwoorden tussen 9.00 en 14.00 uur.

Telefoon

Wilt u liever telefonisch contact met een medewerker van het Fosfaatreductieloket? Zij zijn bereikbaar via telefoonnummer 038 – 4572855 op werkdagen tussen 09.00 en 14.00 uur.

Mocht u geen gehoor krijgen of continu een in gesprekstoon, dan kunt u het beste nogmaals proberen vanaf een andere lijn c.q. provider.

Hieronder vindt u de meest gestelde vragen zoals deze bij het Fosfaatreductieloket worden gesteld.

1. Wat zijn de gevolgen dat niet-melkleverende bedrijven niet meer onder de Regeling vallen?

De regeling voor melkleverende bedrijven is zo aangepast dat het tijdelijk elders onderbrengen van dieren op niet-melkproducerende bedrijven wordt tegengegaan.
Om een heffing te voorkomen gelden daarom voor melkveebedrijven twee extra voorwaarden bij het behalen van de reductiedoelstelling. Ten eerste introduceert de gewijzigde regeling een nieuw begrip: het jongveegetal (zie  vragen 6, 7 en 8). Ten tweede is een extra voorwaarde verbonden aan de afvoer van runderen die tenminste eenmaal gekalfd hebben. Deze dieren mogen niet binnen 4 maanden terugkeren op het melkveebedrijf. Bij terugkeer worden ze met terugwerkende kracht als niet afgevoerd beschouwd.

2. Wat is het verschil tussen de Fosfaatreductieregeling en het wetsvoorstel fosfaatrechten?

De overeenkomsten en verschillen staan in deze bijlage.

3. Hoeveel stuks rundvee moet ik reduceren?

Dit is per bedrijf verschillend. De referentie is gebaseerd op uw vrouwelijke runderen die op 1 oktober 2016 geregistreerd stonden in het I&R-systeem van RVO. Als dit er meer zijn dan op 2 juli 2015, geldt voor uw bedrijf een reductiedoelstelling. U kunt zelf een berekening maken voor uw bedrijf via het rekenmodel op deze site.

4. Waar staan mijn aantallen? Wanneer krijg ik die? Hoe word ik geïnformeerd wanneer deze beschikbaar zijn?

Via melkweb (FrieslandCampina) en Z-net (overige zuivelondernemingen) is een portal beschikbaar voor het fosfaatreductieplan waarin uw gegevens stapsgewijs worden geladen, nadat de RVO deze heeft vrij gegeven.
U kunt ook uw I&R-gegevens voor 2 juli 2015 en 1 oktober 2016 zelf raadplegen in het I&R-systeem (inloggen op mijn.rvo.nl). Houdt u rekening mee dat voor het fosfaatreductieplan alle UBN verbonden aan uw bedrijfsregistratienummer worden samen geteld.

5. Hoe zie ik in het portal mijn voortschrijvend maandgemiddelde aan GVE’s van 2017?

Deze I&R-gegevens zijn thans beschikbaar in het portal. Voor inzage dient u ZuivelNL te machtigen. Dit kan in het portal digitaal. Daarna worden uw actuele I&R-gegevens geladen.

6. Wat is het jongveegetal?

Het jongveegetal is de verhouding tussen het op het bedrijf aanwezige jongvee (vrouwelijk vee tussen 0 – 1 jaar en ouder dan 1 jaar maar nog niet afgekalfd) en het aantal afgekalfde koeien op 28 april 2017. Het jongveegetal is alleen van toepassing op melkveebedrijven die jongvee ouder dan 35 dagen afvoeren naar een melkleverend of niet-melkleverend bedrijf in Nederland. Het jongveegetal is dan van toepassing voor de rest van het jaar c.q. fosfaatreductie periodes. Het jongveegetal is niet van toepassing indien melkveebedrijven uitsluitend jongvee afvoeren voor dood, slacht en export, of nuka’s tot de leeftijd van 35 dagen.

7. Waar kan ik mijn jongveegetal terugvinden?

Het jongveegetal is gebaseerd op 28 april 2017 en staat op het portal rechts bovenin onder de melding van grondgebondenheid.
Rekenvoorbeelden jongveegetal.

8. Hoe weet ik of ik rekening moet houden met het jongveegetal?

Dit zal niet op het portal getoond worden. Op de beschikking ziet u of er bij u voor de rest van het jaar met het jongveegetal gerekend wordt. U dient zelf na te gaan of u jongvee ouder dan 35 dagen heeft afgevoerd naar een (niet)-melkleverend bedrijf.

9. Moet ik een af-men aanvoermelding doen in I&R als ik runderen naar een keuring/evenement breng?. Geldt dit als aan- en afvoer? Geldt dit zelfde ook voor het jongveegetal?

Als de af- en aanvoer plaatsvindt op één dag of binnen twee dagen, dan past RVO een technische correctie toe in I&R. Dit leidt niet tot een geldsom voor u als houder of voor het evenement. De technische correctie  in I&R heeft tot gevolg dat de afvoer niet gezien wordt als afvoer. Dit heeft geen gevolgen voor of toepassing van  het jongveegetal. Dit betekent concreet dat jongvee  naar  een keuring of evenement, waarbij af- en aanvoer m  binnen één of twee dagen plaats vindt,  niet als afvoer wordt beschouwd (naar een Nederlandse veehouder). Tevens treedt het jongveegetal daarmee niet in werking.

10. Hoe kom ik in aanmerking voor een bonus en waar vind ik de-minimisverklaring?

Bedrijven die een GVE maandgemiddelde hebben dat lager is dan het referentieaantal kunnen een bonus ontvangen. De bonus geldt voor maximaal 10% van het referentieaantal van 2 juli 2015. Bovendien mogen bedrijven in 2015, 2016 én in 2017 in totaal (inclusief deze bonus) niet meer dan 15.000 euro aan de-minimissteun voor de landbouw ontvangen. Dat moeten zij verantwoorden door middel van een zogenoemde de-minimis verklaring. Zonder deze verklaring wordt geen bonus toegekend. Deze verklaring vindt u via het portal op melkweb/Z-net. In het tabblad “documenten” staat een link naar de verklaring met een toelichting.

11. Ik heb een uitschaarformulier ingevuld en nu worden die dieren niet meer bij mijn referentie opgeteld. Hoe kan dat?

Wanneer u in 2017 ook dieren uitschaart, geldt de correctie alleen voor periode 1 en 5. Dit is de reden waarom de dieren die u toegewezen heeft gekregen op dit moment niet bij uw referentie opgeteld worden.

12. Waar kan ik bezwaar maken tegen deze regeling?

U kunt geen bezwaar maken tegen de regeling, alleen tegen een besluit op basis van de regeling. Het  besluit dat op uw bedrijf van toepassing is betreft  de beschikking die u van uw zuivelonderneming ontvangt. Deze  beschikking ontvangt  u per post en is digitaal terug te vinden in het portal onder tabblad  “documenten”. Verrekening van de geldsom vindt plaats via het melkgeld van uw zuivelonderneming.

Uitgebreid overzicht Vragen en Antwoorden – versie 12 – 13 september 2017
Naast bovenstaande verkorte weergave van de meest gestelde vragen is er ook een uitgebreid overzicht van de Vragen en Antwoorden Regeling fosfaatreductieplan 2017.

Disclaimer
De antwoorden op deze website zijn een service namens ZuivelNL. U kunt hieraan geen rechten ontlenen.

deze pagina is gewijzigd op 13 september 2017

Fosfaatreductieplan: algemeenFosfaatreductieplan: rekenmodel